Pest/gedragsprotocol BS de Zeewinde
 
 
 



OMGAAN MET PESTEN op BS de Zeewinde
 
Onderzoekers hebben vastgesteld, dat 8% van de kinderen op de basisscholen worden gepest, getreiterd of geplaagd. In iedere klas van de basisschool zouden dus kinderen moeten zitten die met plagen of pesten te maken hebben. Een instrument om dit uit te zoeken is de veiligheidsthermometer die jaarlijks wordt afgenomen.
 
Wat bedoelen wij nu precies met pesten?
Onder pesten verstaan wij:
Het langdurig uitoefenen van geestelijke en/of lichamelijke mishandeling door een kind of een groep, van één kind of meerdere kinderen die niet (meer) in staat is/zijn zichzelf te verdedigen. Bij geestelijke mishandeling moet u denken aan: uitschelden, onder druk zetten, chanteren, kinderen uitsluiten (“jij mag niet meedoen”), of negeren (net doen of hij/zij er niet is) of treiteren (bv. jas, etui met pennen verstoppen) enz. Lichamelijke mishandeling heeft altijd te maken met lichamelijk geweld: slaan, schoppen, aan haren trekken, knijpen, duwen enz.
 
Twee dingen vallen op bij pesten:
1.      Het gaat om langdurig uitoefenen van mishandeling.
2.      Bij pesten zijn altijd ongelijke partijen betrokken: de pester en de gepeste.(de pester lijkt de “macht” te hebben)
 
Pesten en plagen worden nogal eens verward. Plagen komt af en toe voor, is (meestal) onschuldig en het gaat om gelijke partijen. En om nog maar wat misverstanden over pesten uit de weg te ruimen:
Sommige kinderen en volwassenen denken dat:
-        Pesten vanzelf overgaat;
-        Pesten een onvermijdelijk natuurverschijnsel is (zo van: “je kunt er niets aan doen”);
-        Je van pesten flink/hard wordt;
-        Kinderen die gepest worden, het zelf uitlokken.  
 
Signaleren van pesten
Het signaleren van pesten is niet altijd even gemakkelijk. Pesten gebeurt vaak buiten het gezichtsveld van volwassenen. Daarom is het belangrijk om ook op andere signalen te letten.
 
Mogelijke signalen bij het slachtoffer:
-        Gaat niet graag naar school;
-        Gaat contact met kinderen uit de weg;
-        Behaalt schoolresultaten onder het niveau van het kind;
-        Is angstig;
-        Kan moeilijk voor zichzelf opkomen;
-        Andere kinderen vragen dit kind niet om mee te doen;
-        Eigendommen worden vernield of zoek gemaakt;
-        Het kind geeft zelf aan dat hij/zij gepest wordt;
-        Het kind durft niet van huis naar school (en omgekeerd) te lopen
 
Mogelijke signalen van een pester:
-        Wil op de voorgrond treden ten koste van andere kinderen;
-        heeft snel ruzie met andere kinderen;
-        kan moeilijk samenwerken;
-        lokt andere kinderen uit;
-        houdt weinig rekening met andere kinderen.
 
Mogelijke signalen van een groep:
-        Er gebeuren dingen in de groep waar niet goed de vinger op te leggen is;
-        De sfeer is druk, geheimzinnig, niet prettig;
-        De groep vraagt veel van de leerkracht;
-        Er is veel onderlinge concurrentie;
-        Er is veel onderlinge agressie;
-        Het voor elkaar opnemen en elkaar helpen gebeurt weinig.
 
 
Wat doet BS de Zeewinde om pestgedrag te voorkomen of te stoppen?
Om pestgedrag te voorkomen gebruikt de school de methode “Kinderen en hun sociale talenten”. Wij besteden vanaf groep 1 wekelijks aandacht aan sociale vaardigheden, omgaan met elkaar, gevoelens herkennen bij jezelf en de ander en hoe daar mee om te gaan. Van jongs af aan trainen wij kinderen in sociale vaardigheden zoals: “nee” durven zeggen, wachten op je beurt, tegen je verlies kunnen, vragen of je mee mag spelen, zeggen wat je denkt of voelt, een gevatte opmerking terug geven enz.
Het onderwerp pesten komt jaarlijks aan de orde.
 
Naast het gebruik van de methode doen we het volgende:
-        Klassengesprekken, spelletjes, voorleesverhalen, bekijken van DVD’s en filmpjes via het digitale schoolbord.
-        In de onderbouw komen de begrippen plagen en ruziemaken aan de orde. De serie “Kijk en  beleef” wordt gebruikt. Dit zijn boeken waar sociaal emotionele onderwerpen aan de orde komen (herkennen van gevoelens).
-        In de middenbouw gaan we dieper in op pesten: wat is het,  hoe ontstaat het, wat zijn de gevolgen van pesten (begripsvorming/kennis).
-        In de bovenbouw worden vaardigheden geleerd/geoefend die sociaal weerbaar gedrag van de leerlingen bevorderen (vaardigheden).
 
Wanneer er (structureel) pestgedrag is in een groep, dan zal eerst terug gegrepen worden op de thema’s van de methode om zo het gedrag bespreekbaar te maken. Mocht dit te weinig resultaat opleveren dan kan er gebruik gemaakt worden van een pestprotocol.
 
 

GEDRAGSPROTOCOL
Ten aanzien van pestgedrag

Inleiding
Ouders/verzorgers zijn de eerste verantwoordelijken voor de opvoeding van hun kind. Bij het kiezen voor BS de Zeewinde, sluiten de ouders / verzorgers aan bij het geheel van afspraken van de school.
Eén van de bouwstenen van onze visie, met betrekking tot het omgaan van kinderen met elkaar, is dat ieder kind zich veilig moet voelen op onze school. Wij willen samen met de kinderen werken aan die veilige omgeving. Immers, een kind dat zich veilig voelt, ontwikkelt zelfvertrouwen en een goed gevoel van eigenwaarde.

Het protocol beschrijft de volgende punten:

Uitgangspunten
•           Pesten moet als probleem worden gezien door alle direct betrokken partijen.
•           De school moet proberen pestproblemen te voorkomen.
•           Als pesten optreedt, moeten leerkrachten (in samenwerking met de ouders/verzorgers) dat
            kunnen signaleren en duidelijk stelling en actie nemen.
•           Wanneer er gepest wordt buiten schooltijd kan de leerkracht, indien gewenst, wel over
             het probleem praten, maar de ouders blijven verantwoordelijk voor wat zich buiten
             schooltijd-afspeelt.


Wat verstaan wij onder pestgedrag
1.         Gedrag waarmee je een ander lichamelijk of geestelijk kwetst.
2.         Gedrag waarmee je de grens van een ander overschrijdt.

Stelregels
1.         Hulp vragen aan de leerkracht wordt niet opgevat als klikken.
2.         Leerlingen hebben bij een pestprobleem een verantwoordelijkheid naar
             elkaar toe.
3.         Samenwerking tussen school en ouders/verzorgers is uitermate belangrijk.


 
Regels voor alle groepen
Bij de start van ieder schooljaar worden de 4 schoolregels besproken en de begrippen toegelicht.
Deze regels en eventuele aanvullende groepsregels zijn zichtbaar in de klas opgehangen.


 
Algemene aanpak van ruzies en pestgedrag
Hier wordt beschreven hoe het ongewenste gedrag wordt aangepakt:
1.         Kinderen proberen er eerst zelf (=samen) uit te komen.
             Als kinderen er zelf niet uitkomen, gaan zij naar een leerkracht en leggen het
             probleem voor.
2.         De leerkracht zoekt samen met de kinderen naar de oplossing van het probleem.
3.         Bij herhaaldelijk pestgedrag zijn er consequenties.
4.         De leerkracht informeert de ouders van de pester en van de gepeste, dat er 
             herhaaldelijk pestgedrag is geweest.
5.         De leerkracht meldt tegelijkertijd dat er consequenties zijn voor de pester.

De consequenties (strafmaatregelen) zijn onderverdeeld in verschillende fases.
De fases waarin de consequenties van het pestgedrag zijn ingedeeld:
 

Mogelijke strafmaatregelen:
1.         Een of meerdere pauzes / activiteiten niet meedoen.
2.         Nablijven tot alle kinderen naar huis vertrokken zijn.
3.         Een schriftelijke opdracht zoals een stelopdracht over de toedracht en zijn of haar rol
             in het pestprobleem.
4.         Time-out in een andere groep.
5.         Door gesprek: bewustwording voor wat hij met het gepeste kind uithaalt.
6.         Sociodrama / rollenspel.
7.         Afspraken maken met de pester over gedragsveranderingen. De naleving van deze
             afspraken komen aan het einde van iedere week (voor een periode) in een kort
             gesprek aan de orde.


Mogelijke vervolgacties hierop:
1.         De leerling wordt besproken tijdens de leerlingbespreking en/of met de IB-er en er komt een
             plan voor in de groep.
2.         De leerling wordt onder de aandacht van meerdere collega’s gebracht.
3.         De groepsleerkracht krijgt ondersteuning van collega’s.
4.        Gesprekken met de ouders (als voorgaande acties op niets uitlopen)
           De medewerking van de ouders wordt nadrukkelijk gevraagd om, samen met de school een
           einde aan het probleem 
            te maken. De school legt alle activiteiten vast om aan te geven dat al het mogelijke
           gedaan om een einde te maken aan het pest(gedrags)probleem.
5.        Bij aanhoudend pestgedrag of bij een incident, kan er voor gekozen worden om een leerling
            tijdelijk in een andere groep te plaatsen, binnen de school.
6.                     Bij aanhoudend pestgedrag kan de directie of deskundige hulp worden ingeschakeld zoals   
                        schoolmaatschappelijk werk of de schoolarts van de GGD.
7.                     In extreme gevallen kan een leerling geschorst of verwijderd worden
           (zie procedure schorsing verwijdering)
 
 
 

        
Basisschool De Zeewinde -      Dwarsweg 17/19, 3235 CE Rockanje
Tel: 0181-402500     Email: 
dezeewinde@samenwerkingsscholenvpr.nl  website: www.bsdezeewinde.nl